Burn-out: opnieuw bij de controledokter … over mijn ‘waarde’

burn-out controledokter

In de tram naar de controledokter voel ik mijn zenuwen opspelen… Mijn maag geeft heel duidelijk aan dat mijn stressniveau serieus piekt. Waarom toch? Ja, ik ga weer ‘moeten’ praten over mezelf en mijn burn-out. Zut!

In de wachtkamer

Ja, de naam zegt het al… wachten. Ik check mijn naam op het overzicht… Oef, ik sta erbij en heb me dus niet vergist van datum. Ik kijk wat stiekem rond. Rechts naast mij een mooie, verzorgde jonge dame met hoofddoek, daarnaast een oudere heer met serieuze littekens op zijn gezicht.

Aan de linkerkant zit een ‘flodder’familie, waarbij de nogal zware vrouw giftig ijsbeert en in haar telefoon nogal plat Antwerps brult: ‘Neeje, ik kan nie komen naar de massage… Ja, ik zit hier al meer dan een half uur te wachten… Ja, die kunnen hun werk nie plannen hee… Precies of ik heel den dag tijd heb…‘ Zucht!

Naast de man van flodder zitten twee jonge mannen. Eentje vrij groot met assertieve blik, daarnaast een kleine, bedeesde kerel. De dokter komt buiten en deze twee heren gaan resoluut binnen.

Na vijf minuten hoor ik het geluid zwellen. Verhitte discussies en het gaat van kwaad naar erger. Meer dan een half uur zitten de mannen binnen en hoor ik hen roepen zonder dat ik er iets van versta. Gelukkig! Plots stopt het roepen en blijft het een paar minuten rustig. De deur gaat open en de twee mannen benen kwaad weg. De deur gaat ferm dicht.

Mevrouw Stultiens?

Na vijf minuten kijkt de controledokter nerveus de wachtzaal in: ‘Mevrouw Stultiens?‘ Verschrikt sta ik op en ga voorzichtig binnen: ‘Is alles OK? Gaat het wel met u?’ vraag ik hem. Hij zucht diep en schudt zijn hoofd: ‘Teveel afspraken! Straks heb ik een burn-out en dan komen mijn collega’s in de problemen… Misschien dat… Maar het gaat hier niet over mij natuurlijk, maar over u…’

Ziektedossier

Meteen kijkt hij op zijn computerscherm. Zijn ogen verzachten: ‘Laten we even overlopen… Heb je nog een afspraak gehad bij jouw huisdokter of psychologe?’ ‘Neen, ik heb ‘voorlopig’ mijn therapie beëindigd. Ik heb voldoende handvaten gekregen, waarmee ik nog steeds aan de slag ben. En bij de huisdokter ben ik niet meer geweest, want ondertussen had ik wat dringender nood aan een oogchirurg,‘ lach ik wat klungelig. Ik vertel hem kort mijn ziekenhuisperikelen.

Daarop knikt hij en tikt driftig op het klavier en stopt dan plots… ‘Wat ik nu ga vragen, klinkt misschien melig… Je bent even aan één oog blind geweest…

Mijn wenkbrauwen gaan de hoogte in. Rationeel denk ik: ‘Wat een stomme vraag!’ en tegelijkertijd reageert mijn lichaam heel fel; mijn keel knijpt dicht. Huh? De dokter kijkt me onderzoekend aan: ‘Je hoeft nu echt niet te antwoorden. Laat het bezinken.’

Mijn ‘waarde’

Laat het ons over jouw professionele situatie hebben. Wat belemmert je nu om terug te gaan werken?‘ Ik denk even na:’ Ja, als ik in dezelfde omstandigheden terechtkom, zal ik binnen een half jaar terug thuis zitten. Niet goed voor mij en zeker niet voor een bedrijf. Mijn geheugen en hersenen blijven nog steeds in gebreke.

Je kan die waarde verdienen door te presteren. En momenteel kan ik dat niet bieden.’

Hij kijkt me fronsend aan en zet zijn vingertoppen tegen elkaar: ‘Hmmm, jij denkt nog altijd aan prestaties bij waarde. Kan jij niet inzien dat jij ‘waardevol’ bent om wie je bent?‘ Ik zwijg.

Ben ik stressbestendig?

‘Mag ik concluderen dat je nog niet stressbestendig bent?‘ Mijn schouders zakken: ‘Dat kan. Geen idee.’ Zijn wijsvinger tikt op zijn wang: ‘Jij schrijft graag… Stel dat je morgen bij de krant mag beginnen. Jij krijgt alle vrijheid, mag op onderzoek gaan en mag zelf de onderwerpen kiezen. Ga jij op dat aanbod in?’

Vervolgens knijp ik mijn ogen dicht: ‘Dokter, met alle respect, u weet toch ook dat kranten deadlines hebben en straffe resultaten verwachten. Daar moet je ook hard presteren. Die wereld, die u beschrijft, bestaat niet. ‘ Hij knikt wijselijk: ‘Nog niet. Momenteel ontstaan zoveel nieuwe jobs, waarbij andere competenties belangrijk zijn.’  Stel je voor! Mijn mondhoeken krullen.

Even inzinken

Terug op de tram denk ik aan zijn laatste woorden: ‘Mevrouw, je bent goed bezig. Je antwoordt eerlijk en tast jouw grenzen af. Je neemt weloverwogen stappen.’ Ik zet mijn voeten plots kwaad voor me op de grond:

 

 

 

 

 

 

 

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*